Resultaten
di 30 jan 2024

‘Het voelt alsof we al in Oekraïne buren waren’

Ruim een jaar geleden openden we complex Mriya op het terrein van het Máxima Medisch Centrum in Eindhoven. Uit pure noodzaak, en de reden is helaas nog steeds actueel. In 33 tijdelijke woonunits wonen ruim 100 Oekraïense vluchtelingen. Beetje bij beetje hebben ze hun draai gevonden. De meesten werken en kinderen gaan naar school en maken vriendjes. We zijn er trots op hoe goed allemaal loopt op Mriya. Voor de bewoners heeft Mriya zich inmiddels bewezen; ze vinden er rust en structuur. Zo goed en kwaad als het kan leiden de families een zo normaal mogelijk gezinsleven.

Eén van de bewoners van Mriya is Elvira. Samen met haar dochter kwam ze eind vorig jaar naar Nederland en vond een plekje in Mriya. Gelukkig kon haar man zich later ook bij hen voegen. Hoe het is om je huis, zaak, school en natuurlijk familie achter te laten lees je in onderstaand artikel. Eerder deelden we al het verhaal van Romy (locatiemanager van Mriya) en Gregory (bewoner).


Wanneer Elvira (35) raketten om haar flat in Oekraïne hoort fluiten, ontvlucht ze haar land samen met haar dochter. Google brengt haar naar Eindhoven. Daar vinden ze rust en veiligheid in Mriya, Trudo’s opvanglocatie voor gevluchte Oekraïense gezinnen.
 

“Pak je spullen”, zei het leger toen Kyiv op 24 feb 2022 uit het niets werd aangevallen. “Het is oorlog.” Oorlog? Ik kon het niet geloven. Oekraïne was een doodnormaal, westers land. Ik woonde samen met mijn man en Anna, onze dochter van negen, in een klein plaatsje op een halve dag rijden van de hoofdstad. We hadden een mooi appartement met twee auto’s voor de deur en plannen om ons online bedrijf in lingerie uit te breiden met een fysieke winkel. Maar al gauw klonk ook bij ons dagelijks het luchtalarm. ’s Nachts schoten we dan onze kleren aan. Met een rugzak met eten en drinken die klaarstond naast het bed, haastten we ons van de achtste verdieping naar de begane grond. Daar schuilden we onder de trap. Soms lagen we een paar uur later net weer in bed als het alarm opnieuw klonk. Slapen deed ik nauwelijk; ik kon alleen maar luisteren naar mogelijk gevaar. Ik was letterlijk ziek van het slaaptekort. De maat was vol toen ik op een dag een raket langs ons huis hoorde fluiten. “We moeten weg”, zei ik tegen mijn man. We spraken af dat ik met onze dochter naar Italië zou gaan, een vriendin achterna. Mijn man bleef thuis om voor onze moeders, het huis en ons bedrijf te zorgen.

Googlen

In Italië woonden Anne en ik in bij een man en zijn zoon. Ik voelde me niet op mijn gemak in hun huis en er was niemand om een praatje mee te praten, want niemand sprak er Engels. Ik voelde me heel verdrietig. Dit is niet goed, besloot ik. Ik had geen idee waar we dan naartoe moesten. Toen ben ik maar gaan googlen. Ik kwam uit op Nederland, want hier spreek iedereen Engels. En iedereen is er lang, net als ik. Ik wilde in een stad wonen. Een levendige plek voor Anna en met werkgelegenheid voor mij, met goed openbaar vervoer om naar school en werk te komen. Eindhoven leek het beste bij ons te passen, een studentenstad met veel hightechbedrijven.Eind november arriveerden Anna en ik op Station Eindhoven. Mijn plan reikte niet verder dan twee nachten, waarvoor ik een hotel had geboekt. Eenmaal in het hotel vroeg ik aan de receptionist: “We zijn vluchtelingen uit Oekraïne. Weet u waar we terechtkunnen?” Ik voelde me een beetje beschaamd, want ik ben niet gewend om hulp te vragen.

Opluchting

Diezelfde dag nog zaten we bij het aanmeldpunt voor Oekraïense vluchtelingen. We kregen thee en eten. Anna las een boek terwijl gezocht werd naar een plek voor ons. Het wachten was zenuwslopend. Waar we terecht zouden komen was voor mezelf niet zo belangrijk, ik pas me wel aan. Maar Anna is een verlegen meisje. Ze zou diep ongelukkig zijn op een plek zonder privacy en vol vreemden. Na een half uur vertelden ze ons dat we welkom waren in Mriya. Ze legden uit dat we er een eigen plek hadden, met andere gezinnen om ons heen. Ik huilde van opluchting.

Weerzien na een half jaar

Ons appartement in Mriya bleek licht en warm. De locatiebeheerder van Trudo, Romy, heette ons welkom. Ze was een stralend lichtpuntje dat nu nog steeds altijd voor iedereen klaarstaat. Hier kan ik tot rust komen, voelde ik direct. Ik heb meteen mijn man gebeld om hem gerust te stellen: “We hebben een goede plek gevonden”, vertelde ik hem. In maart dit jaar is hij vanuit Oekraïne naar ons toegereden. Dat was fantastisch. We hadden elkaar een half jaar niet gezien. Nu wonen we hier met zijn drietjes, met spulletjes van thuis die mijn man heeft meegenomen; kleren, dekbedden, pannen en boeken.

Online lessen

Met Anna gaat het goed. Ze weet dat de Russen ons land proberen af te pakken, maar ik scherm haar af van alle oorlogsbeelden. Ze laat het niet merken, maar ik weet dat ze haar neefjes en nichtjes erg mist. En onze poes, waar haar oma nu op past. Overdag gaat ze naar een Nederlandse school en ’s avonds volgt ze online lessen van haar school in Oekraïne. Het bedrijf van mijn man en mij ligt zo goed als stil. In verschillende shifts werken we nu allebei fulltime in een cleanroom. We zijn heel dankbaar voor Mryia. In dit complex wonen nog ruim honderd andere Oekraïners. Ideaal is het niet. Met zeventig kinderen kan het hier erg druk zijn en soms zijn er kleine ergernissen. Maar zelfs al hadden we in Eindhoven een huis voor onszelf, dan nog zouden we elke dag even langsgaan. Het voelt alsof we met z’n allen in Oekraïne al buren waren. Bij hen zijn, geeft me een veilig gevoel.

Moed houden

Nederlanders spreken goed Engels, zijn vriendelijk en lachen wonderlijk veel in vergelijking met Oekraïners. Ik heb leuk werk en we hebben vrienden gemaakt binnen en buiten Mriya. Maar me echt binden aan Eindhoven doe ik niet. Want dan zou het voelen alsof ik me erbij heb neergelegd dat we niet meer terug zullen keren naar huis. Ik moet de moed erin houden.